De Stelling: 'Bij veredelen zou er meer aandacht moeten worden besteed aan biodiversiteit in plaats van sierwaarde' |
|
|
|
|
 |
| 221 sec |
Plantveredeling richt zich traditioneel op eigenschappen als bloeirijkheid, groeiwijze, bladkleur en andere kenmerken die de sierwaarde vergroten. Tegelijkertijd groeit de aandacht voor biodiversiteit en de rol die planten kunnen spelen voor insecten, vogels en andere soorten. Dat roept de vraag op welke plaats biodiversiteit moet krijgen binnen veredelingsprogramma's. Moet de focus verschuiven van sierwaarde naar ecologische waarde, of zijn beide juist goed te combineren?
| Kim van Rijssen: 'De Agastache Beelicious Purple trekt enorm veel bijen in mijn tuin' |
Kim van Rijssen, Plantipp:
|
|
'Sierwaarde is een belangrijk doel bij plantveredeling en dat mag zo blijven'
| |
|
Richten op rijkere bloei
'Veredelen op meer biodiversiteit is uiteraard goed. Maar het hoeft niet "in plaats van" sierwaarde te zijn, maar "zowel... als". Sierwaarde is een belangrijk doel bij plantveredeling en dat mag zo blijven. Mooi uitziende planten die in stadstuinen passen, motiveren mensen om planten te kopen. Oude, vrije Buddleja-planten worden erg groot, zien er slordig en open uit qua habitus en hebben relatief weinig bloemen op een grote plant. Vaak zijn ze niet geschikt voor een gemiddelde tuin en zien ze er bovendien niet mooi uit. De Butterfly Candy-serie bestaat uit Buddleja die compact blijven, een nette, dichte en ronde habitus hebben met enorm veel bloemen op een relatief kleine plant. Dat past perfect in een tuin, trekt door de vele bloemen veel vlinders aan, en het motiveert mensen om groen in de tuin te zetten. Veel veredelaars richten zich op rijkere bloei. Dat is niet alleen goed voor de sierwaarde, maar ook voor de biodiversiteit.'
Meer bekendheid door veredelaars
'Dat veredeling en sierwaarde vaak hand in hand gaan, laat ook de opkomst van Diervilla zien. Diervilla was tot een aantal jaar geleden een vrij onbekend gewas. Het trekt veel bijen aan en is dus een waardevol gewas voor biodiversiteit. Maar je zag dit niet of amper in de tuincentra. Doordat veredelaars hiermee aan de slag zijn gegaan, krijgt dit gewas meer bekendheid. Een voorbeeld is Diervilla Honeybee ('Diwibru01'PBR). Dit ras is geselecteerd vanwege het gele blad. Tegelijkertijd is het een bijenmagneet. Diervilla is nu in opkomst en dat zie je aan het aantal nieuwe introducties. Hierdoor krijgt het gewas meer aandacht, krijgt het een plek in tuincentra, en doordat er verbeterde rassen worden geďntroduceerd, zal Diervilla telkens meer bekendheid krijgen bij particulieren en hoveniers.'
 | | Elwin de Vink |
|
|
Elwin de Vink, Business Developer Duurzame Leefomgeving bij Donker Groep:
|
|
'Waarom kweken we planten die alleen met gif overeind blijven?'
| |
|
Meer soorten is niet altijd beter
'Als je kijkt naar wat er in de plantenwereld gebeurt, dan zie je dat esthetica nog steeds hoogtij viert. Uiteindelijk wordt er gekweekt wat verkoopt. We lijken voortdurend op zoek naar een nieuwe kleur, een grotere bloem of weer een compacte variant. Maar de vraag is of dat echt meerwaarde heeft. Een groot deel van nieuwe cultivars maar ook bestaande cultivars is biologisch te kweken. Als je met een reguliere plantenlijst naar een biologische kweker gaat, krijg je een lijst terug waarvan de helft om deze reden is doorgestreept. Die soorten zijn simpelweg te zwak. Ze hebben gewasbeschermingsmiddelen nodig om door de kweekfase heen te komen. Dan vraag ik me af: waarom kweken we dat eigenlijk? We hebben als sector een enorme behoefte om steeds met iets nieuws te komen. Stilstand is immers achteruitgang. Maar daardoor raken we soms steeds verder verwijderd van de oorspronkelijke soorten. Terwijl juist die oude, wilde vormen met open bloemen vaak sterker zijn en veel meer waarde hebben voor insecten en andere soorten. Denk hierbij aan Viburnum opulus versus Viburnum opulus 'Roseum' of Hydrangea 'Anabelle'. Misschien mooi om te zien, maar ze voegen echt niks toe voor de biodiversiteit omdat de bloemen volledig steriel zijn.'
Niet alleen kijken naar wat mooi is
'Ik vind dat we kritischer mogen kijken naar wat we als sector belonen met prijzen. We hebben een biodiversiteitscrisis, er wordt nog altijd veel te veel chemie gebruikt in de teelt en toch geven we prijzen aan planten waarbij vooral naar sierwaarde wordt gekeken. Dan denk ik: waarom kijken we niet veel nadrukkelijker naar biodiversiteitswaarde of soorten die biologisch heel sterk zijn? Geef dat een prijs! Dat betekent niet dat elke plant in de tuin een biodiversiteitswonder moet zijn. Ik heb zelf ook planten staan die ik gewoon mooi vind. Maar als branche hebben we wel een verantwoordelijkheid. Als we nieuwe soorten introduceren, laten we dan vooral kijken welke planten sterk zijn, biodiversiteit ondersteunen én verantwoord te kweken zijn. Dan zet je samen volgens mij echt een stap vooruit.'
 | | Margareth Hop |
|
|
Margareth Hop, eigenaar van Actifolia en veredelaar bij Boot & Dart:
|
|
'Sierwaarde en biodiversiteit hoeven elkaar niet te bijten'
| |
|
Vaste plek voor biodiversiteit in veredeling
'In mijn beleving hoeven sierwaarde en biodiversiteit elkaar niet te bijten. Je kunt prima veredelen op biodiversiteit én sierwaarde. Tot nu toe stond sierwaarde bijna altijd bovenaan de prioriteitenlijst. Bij het maken van selecties in veredelingsprogramma's werd vooral gekeken naar wat mensen mooi vinden. Ik denk dat het belangrijk is dat we biodiversiteit steeds vaker meenemen in die afweging. Vroeger werd daar eigenlijk nauwelijks rekening mee gehouden. Nu weten we veel meer over de achteruitgang van biodiversiteit en daardoor verandert ook de manier waarop we naar planten kijken. Tegelijkertijd moet je realistisch blijven. Zeker op de consumentenmarkt moet je klanten eerst zover krijgen dat ze jouw plant kopen. Er is nog steeds veel meer vraag naar mooie planten dan naar planten die specifiek goed zijn voor biodiversiteit. Daarom kun je sierwaarde niet zomaar van het lijstje schrappen. Planten zullen ook aantrekkelijk moeten blijven voor de mensen die ze kopen.'
Openbaar groen loopt voorop
'In de openbaargroenmarkt speelt deze discussie al langer. Gemeenten hebben biodiversiteit steeds vaker opgenomen in hun beleid en zijn bereid daar ook keuzes voor te maken. Wij zagen die ontwikkeling jaren geleden al aankomen. Daarom zijn wij ongeveer tien jaar geleden gestopt met het selecteren van volledig gevulde rozen. Die zijn veel minder interessant voor insecten, omdat er nauwelijks stuifmeel beschikbaar is of omdat insecten er simpelweg niet bij kunnen. Bij veredeling kijk je altijd vooruit. Wij verwachten dat biodiversiteit, klimaatbestendigheid en inheemse soorten de komende jaren steeds belangrijker worden. Daarom nemen we die aspecten bewust mee in nieuwe veredelingsprojecten. Tegelijkertijd zijn er ook eigenschappen die voor insecten weinig uitmaken, maar voor gebruikers wel belangrijk zijn. Denk aan compacte planten of een goedsluitende vakbeplanters. Dat maakt voor insecten niets uit en dat zijn voor mensen wel belangrijke eigenschappen. Daarom vind ik dat je moet kijken welke eigenschappen echt van invloed zijn op biodiversiteit en welke niet. Daarvoor gebruik ik ook wetenschappelijke literatuur. Op basis daarvan kun je heel gericht kiezen waar je als veredelaar wel en niet op stuurt. Volgens mij ligt daar de toekomst: planten ontwikkelen die aantrekkelijk zijn voor mensen én meerwaarde hebben voor biodiversiteit.'
| Boot & Dart Boomkwekerije... | |
| |
| LOGIN
met je e-mailadres om te reageren.
|
|
|
| Er zijn nog geen reacties. |
|